|
Voor onze kinderen
Voor onze kinderen
Voor de kinderne vna 4 - 8 jaar: Job raakt alles kwijt Tevreden loopt Job over zijn land. Zo ver hij kan kijken is alles van hem: de grond, de boerderijen, de dieren ... Wat is het hier mooi! Job kan bijna niet geloven wat er gebeurd is. Hij was zo gelukkig: hij was de rijkste man uit de buurt, hij had een grote familie en hij was gezond. Maar nu is hij alles kwijt ... Zijn vrouw komt aanlopen. Ze kijkt naar Job en schudt met haar hoofd: ‘Ben je nu nog steeds niet boos op God, Job? Je bent gek! Ik begrijp niet dat je nog steeds bij Hem wilt horen.’ Maar Job zegt nog steeds niets slechts over God. Zijn vrouw gaat maar weer weg. Nu is Job helemaal alleen. Hij voelt zich heel verdrietig en heel eenzaam. Gelukkig, daar komen de drie vrienden van Job aan. Ze hebben gehoord wat er is gebeurd en ze komen hem troosten. Ze herkennen Job pas als ze heel dicht bij hem zijn, zo anders ziet hij eruit. Hij zit helemaal onder de bulten en hij huilt. De drie vrienden huilen met Job mee. Ze vinden het heel erg wat er allemaal met Job gebeurd is. Ze zijn stil, ze zeggen niets. Want ze zien hoeveel pijn Job heeft. De vrienden maken scheuren in hun kleren en ze gooien zand over hun hoofd. Zo laten ze zien dat zij ook heel verdrietig zijn. Dan gaan ze stil naast Job zitten. Zeven dagen en zeven nachten zitten ze zo bij elkaar. Gelukkig is Job nu niet meer alleen. Dat troost hem een beetje. Zijn vrienden blijven bij hem, ook als hij verdrietig is. Voor de kinderne van 8-12 jaar; Job 1:1-3 en 2:1-13: Job raakt alles kwijt Job had zeven zonen en drie dochters. Hij had ook veel vee: zevenduizend schapen en geiten, drieduizend kamelen, duizend koeien en vijfhonderd ezels. Verder had hij veel slaven en slavinnen. Hij was de rijkste man van het hele Oosten. Wat er dan gebeurt Maar dan sluit Satan een weddenschap met God. Satan wil weleens zien of Job ook zo trouw blijft aan God als het niet goed met hem gaat. De Heer spreekt opnieuw met Satan Op een dag kwamen de engelen in de hemel weer bij de Heer. Bij hen was ook Satan. Satan antwoordde: ‘Ja, natuurlijk, hij wil blijven leven, al moet hij er alles voor geven. Maar maak Job maar eens ernstig ziek! Dan zal hij vast en zeker slechte dingen over u zeggen.’ ‘Goed,’ zei de Heer, ‘je mag met hem doen wat je wilt, als je hem maar in leven laat.’ Job wordt verschrikkelijk ziek Toen ging Satan weg, en hij zorgde ervoor dat Job verschrikkelijk ziek werd. Job kreeg overal op zijn lichaam zweren. Hij pakte een stuk van een gebroken pot om zich daarmee te krabben. Hij bleef dag en nacht op de grond zitten. Zijn vrouw zei tegen hem: ‘Blijf je nog steeds trouw aan God? Je hebt nu genoeg reden om slechte dingen over hem te zeggen! Doe dat dan, en sterf.’ Maar Job antwoordde haar: ‘Je praat alsof je een vijand van God bent. Het goede krijgen we van God, het slechte ook!’ Job maakte veel ellende mee, maar toch zei hij niets slechts over God. Jobs vrienden komen hem troosten Job had drie vrienden: Elifaz uit Teman, Bildad uit Suach en Sofar uit Naäma. Zij hoorden wat er met Job gebeurd was. Ze besloten naar hem toe te gaan, want ze wilden hem troosten. Ze herkenden Job pas toen ze heel dichtbij waren. | ||
| terug | ||


08-11-2026
om
10 uur